
Er was een tijd dat ik dagelijks met de auto naar mijn werk reed over de A2. Daarna moest ik nog een stuk Amsterdamse ring. Met een beetje geluk was ik er binnen vijf kwartier.
Maar vaak genoeg kostte dat ritje anderhalf uur vanwege extra veel file. En dat ook weer op de terugweg. Vijf dagen in de week. Reken maar uit: 60 uur per maand zat ik in die stink-auto. Doodzonde van mijn tijd, en ik kreeg er een knetterend schuldgevoel van, want het leek of ik iedereen te kort deed. Ik was nooit ergens op tijd. Niet op mijn werk, en niet thuis waar mijn kinderen (toen nog heel klein) vaak al lagen te slapen als ik eindelijk een keer de deur binnenstapte.
WERK-PRIVÉBALANS
Ik voelde me de vrouw die op zondag het vlees snijdt. Laatst zag ik een tv-programma waarin stellen vertelden over hoe ze werk en privé combineerden. Ik zag een boel geworstel, stress, en frustratie. En ik bedacht hoe veel vrouwen wel niet in hetzelfde schuitje zitten. Ingeklemd tussen kinderen, hypotheek, werk en de behoefte aan zelfontplooiing. Hoe leuk ik mijn werk ook vond, ik wist destijds dat ik die situatie niet veel langer vol zou houden. Zodra ik de kans kreeg om dichter bij huis te werken, greep ik hem. Sindsdien forens ik met de fiets en de trein, heb ik veel meer tijd, en is mijn leven 100 procent verbeterd.
Zijn werkgevers klaar voor de moderne vader? >
Het evenwicht is wankel (er hoeft maar iets te gebeuren, en…) maar ik heb nu een goede werk-privébalans gevonden. Hoe is dat voor jou? Hier kun je jouw ervaring delen.





